Het is weer zover. Her en der in de baan is weer sprake van schade als gevolg van emelten- en engerlingenvraat door kraaiachtigen. Deze maken meer schade dan spreeuwen omdat ze soms hele plaggen omleggen. Plaggen die overigens toch al los liggen omdat de engerlingen de wortels van het gras hebben aangetast. Zoals bekend mag nieuwe schade worden ontweken, oude niet. Dan dien je de bal te spelen zoals ie ligt volgens goede oude Schotse principes. Je doet je best maar zogezegd. 

Emelten
Emelten zijn de larven van langpootmuggen, een soort grauwe wormen die zich overdag in holletjes onder de grond schuilhouden en ‘snachts naar boven komen om net boven de wortels het verse groen–in ons geval gras- op te vreten waardoor dat deel afsterft. Je kunt ze zowel in het voor- als in het najaar aantreffen. Uiteindelijk eclipseert de larve tot langpootmug en leeft dan nog enkele dagen om te paren.
Natuurlijke vijanden zijn vogels en mollen die door hun vraatgedrag wat in vaktermen genoemd wordt, secundaire schade aanrichten. Dat is dus wat je her en der door de baan kunt aantreffen. Bijnamen van de langpootmug: Spekkebijter, Glazenwasser, Spekkedief.

Engerlingen
Dan de engerling. Engerlingen zijn keverlarven, met name de meikever, Johannes- of rozenkever en junikever. Overigens worden ook de larven van vliegend hert (zeldzaam maar komt voor in de buurt van Mook) en mestkevers engerling genoemd. Door de baan ziet men in de mei maanden Johanneskevers. De larve kan wel drie tot vijf jaar onder de grond leven alvorens te verpoppen en tot kever uit te groeien. Ze zien er uit als flinke C-vormige witgrijze rupsen. Deze larven vreten de wortels van het gras en, indien massaal aanwezig, kunnen flinke schade aanrichten.

Hun natuurlijke vijanden zijn vogels (mezen, spreeuwen en kraaiachtigen) die schade aan de baan toebrengen door plaggen om te woelen. En verder zoogdieren als dassen, vossen, egels en zwijnen. Dassen en zwijnen kunnen een green in een ruïne veranderen dus de greenkeepers zijn er beducht voor. Anderzijds behoren ze toch tot de charme van de natuur. Het is dus zaak ervoor te zorgen dat greens en fairways vrij zijn van die “witte wurmen”.

Bestrijding van Emelten en Engerlingen
Beide soorten, emelten en engerlingen kunnen op natuurlijke wijze worden bestreden door de inzet van aaltjes. Dit zijn wormen die behoren tot de rondwormen waarvan talloze soorten bestaan, variërend van krap een millimeter tot wel acht meter in grootte. Bij de mens bekende parasieten als aarsmaden en rondwormen behoren eveneens tot de aaltjes.
Overigens is deze vorm van bestrijding een kostbare zaak. Reden waarom op de baan meerdere spreeuwenkasten zijn opgehangen om broedgelegenheid voor deze “medewerkers” te bieden.  Afgelopen jaar hadden we, los van die kasten, al  ruim twintig nesten door de baan heen. Wellicht komend jaar meer.
Door de baan worden hardnekkige schadeplekken ingezaaid met heide die vervolgens wel kort wordt gemaaid zodat er toch op een acceptabele manier uit kan worden gespeeld. Het opkomen daarvan kan overigens wel een paar jaar duren.